De trein

Een groot aantal jaren geleden maakten
Hans en ik een treinreis naar Leiden. Het was een gezellige dag en
veel te vroeg kwam het moment dat wij naar huis moesten. Ik vond dat
wij best met de laatste trein naar huis konden gaan. Hans had zo zijn
twijfels. Ik had, toen nog, een grenzeloos vertrouwen in onze
spoorwegen. En, zoals het zo vaak gaat, stemde Hans in met mijn
voorstel om de laatste trein te nemen. En wat denk je? Het liep mis!
De trein die wij wilden nemen, reed niet. Geen probleem, zo dacht ik
nog, er komt vast nog een trein. Maar nee, dat was niet zo. Wij naar
de informatiebalie. De medewerker daar kon ons helaas niet echt
verder helpen. Wij moesten maar gewoon in de trein stappen en aan de
conducteur vragen wat wij moesten doen. Weinig keus, dus wij hebben
dat maar gedaan. De trein reed niet verder dan Dordrecht en wij
moesten naar Breda, want daar stond onze auto. De conducteur keek
even moeilijk toen wij vroegen hoe wij nu van Dordrecht naar Breda
moesten komen. Even later kwam de oplossing voor het probleem: in
Dordrecht zou een taxi klaarstaan, die ons naar Breda zou brengen. Ik
zeg even zou, want mijn vertrouwen in de NS was even gedaald. Maar
wat blijkt? De taxi stond er inderdaad. In een volle auto, wat toch
beter is dan overnachten op een koud perron, werden wij keurig op het
station in Breda afgezet. Hulde voor de conducteur. Maar het
vertrouwen in de spoorwegen was na die reis wél verdwenen. Als wij
ergens naar toe moesten in de jaren die daarna kwamen, reisden wij
eigenlijk nooit meer met de trein, want je weet tenslotte maar nooit!

Toevallig heb ik de afgelopen tijd twee
keer in één week met de trein gereisd. De ene keer naar Helmond,
voor mijn plezier, de andere keer naar Goes, voor mijn werk. De
eerste keer reisde ik, voor het eerst, met een OV-chipkaart, de
tweede keer met een NS Business Card. Een wereld van verschil!

Het is vrijdagochtend als ik naar
Helmond reis om te gaan lunchen bij een collega. Mijn kersverse
OV-kaart in mijn jaszak. Op het perron wil ik inchecken. Wat denk je?
Een rood lampje, op een schermpje de tekst: ‘in- en uitchecken niet
mogelijk’. Nog een keer geprobeerd. Weer hetzelfde lampje en
dezelfde tekst. Hoe kan dit nou? Hans heeft de kaart gisteren voor
mij gekocht en opgeladen. Ik weet zeker dat er genoeg geld op staat
om naar Helmond te reizen. Wat nu? Een vrouw voor mij heeft op de
knop gedrukt van een praatpaal die op het station staat. Alle
medewerkers zijn in gesprek en de dame blijkt het gesprek dat komen
gaat niet nodig te hebben. Ik wel. Geduldig wacht ik. Een
vriendelijke stem vraagt of zij mij kan helpen. Ja! Ik vertel wat er
aan de hand is en de dame in de paal biedt uitkomst: ik moet de kaart
vóór het eerste gebruik activeren. Ja hoor, ik ga ook eens een keer
met het openbaar vervoer!

De trein komt en ik moet, na een korte
reis, overstappen in Tilburg. Een stroom reizigers gaat naar de
roltrap. Pfff, wat is het druk! Ik ga op mijn gemak, want ik heb tijd
genoeg, met de gewone trap. Trap af, trap weer op: wat een
onderneming. Ik heb ruim de tijd, maar weet niet wat ik met die tijd
moet doen. Er is niet veel te zien op het station, want er wordt
verbouwd en de werkzaamheden worden uitgevoerd achter een muur van
hout. Jammer. En eindelijk, daar komt de volgende trein, richting
Helmond. Ik laat het geroezemoes over me heen komen. Af en toe gaat
er een telefoon, de gesprekken zijn niet te volgen.

Op het station in Helmond staan
poortjes, zodat ik niet vergeet om uit te checken. Als ik het station
uitkom, staat mijn collega al te wachten met haar dochtertje. Wat een
warm welkom! Het laatste stukje van de reis volgt in een
comfortabele, warme, auto, met een meisje van bijna 3 jaar, dat aan
een stuk door praat. Wat gezellig! Zo gezellig was ook de rest van de
dag. De terugreis met de trein verliep zonder problemen!

De woensdagochtend na die vrijdag, reis
ik voor mijn werk naar Goes. Ik check eenvoudig in met mijn
Businesscard en stap een bijna lege coupe van de eerste klas binnen.
Weer een korte reis, nu naar Breda, met een ruimte overstaptijd. Weer
trap af, trap op. Het is druk op het perron, veel studenten en mensen
die naar het werk gaan, net als ik. Ik vind een plaatsje in een
rustige eerste klas-coupé. Heerlijk! Ik staar naar buiten. Het is
grijs en regenachtig. Plaatsen vliegen voorbij, huizen zijn soms
schimmen. Hup, het is weer tijd om over te stappen. En de reis gaat
door. Aangekomen in Goes, ben ik even, letterlijk, de weg kwijt. Waar
is ons kantoor? Ik vraag het even aan een paar voorbijgangers, maar
niemand komt uit Goes. Op goed geluk loop ik een straat in en ik heb
geluk: ik loop de juiste richting uit. Als ik binnen ben, ben ik weer
de weg kwijt. Een collega wijst de weg en ik vind uiteindelijk ‘mijn’
afdeling. Daar wacht mij een warm welkom door mijn collega’s uit
Goes. Wat een verademing.

Na het overleg ga ik weer huiswaarts.
Ik heb geluk, de trein komt binnen een paar minuten. In de coupé
waar ik een plaatsje vind, zitten twee vrouwen te kletsen. De ene
vertelt tegen de andere dat zij het vreemd vindt dat zij al zo lang
niets meer van de zoon van de andere heeft gehoord. Het gesprek
kabbelt voort. De ene vrouw kijkt even of ik meeluister, maar ik doe
net alsof ik het niet zie. Ook kijk ik niet naar de foto’s die
uiteindelijk getoond worden. Ik staar naar buiten, naar het grijze,
vochtige landschap. Dat landschap wordt nog grijzig en schimmiger ,
doordat de ruiten van de trein vies zijn. Niet gek met dit weer.
Gefascineerd kijk ik naar de waterdruppeltjes die een weg vinden op
het raam. Er zijn verschillende sporen, die zomaar ineens in elkaar
overlopen. Gek, hoe je je kunt vermaken met een waterdruppel…..Het
zorgt ervoor dat de tijd snel gaat. Het station waar ik moet
overstappen komt snel in zicht. Daar staat de warme trein (een
schermpje geeft aan dat de binnentemperatuur 23 graden is; de
buitentemperatuur is een graad of 8). Ik dommel bijna weg, maar weet
wakker te blijven tot het volgende overstapstation. Ook daar staat de
trein weer op het perron klaar. Het regent hard als ik op Gilze –
Rijen naar de auto loop. Zo word ik ook weer helemaal wakker na het
verblijf in de warme trein.

Twee treinreizen in één week, zo kan
het weer wel even. Ik heb er in ieder geval een paar dingen van
geleerd: je moet een OV-chipkaart eerst activeren voordat je deze
kunt gebruiken; in een station stikt het van de trappen en het reizen
in een eerste klas-coupé is toch wat prettiger dan in een tweede
klas. Hoewel? In een tweede klas-coupé is het misschien toch nog net
iets gezelliger….. En, na deze reizen is mijn vertrouwen in de NS
toch weer wat beter geworden! Die van Hans nog steeds niet, ondanks
mijn positieve verhalen!